20 januari 2012 - In november 2011 startte PSO een intensief thematisch leerprogramma in Zuid-Soedan. Uniek aan het programma is dat het is opgezet in het land zelf met organisaties die ter plekke werkzaam zijn in de drivers seat. Maar waarom een leerprogramma in Zuid-Soedan?
Capaciteit voor vredesopbouwactiviteiten
De hulpstructuur in Zuid-Soedan staat onder druk. De Soedanese overheid en Soedanese Ngo’s eisen terecht een grotere rol op na de onafhankelijkheid. Tegelijkertijd is er een discussie of lokale overheids- en maatschappelijke organisaties wel voldoende capaciteit hebben om bepaalde maatschappelijke taken op te pakken. En om wat voor capaciteit gaat dat dan? De capaciteit van lokale organisaties om specifieke vredesopbouwactiviteiten uit te voeren, wordt niet altijd onderkend. Soms worden lokale organisaties instrumenteel ingezet alsof ze onderaannemers zijn, terwijl de maatschappelijke positie en potentie van de lokale organisaties uit het oog wordt verloren. Dit gaat er over hoe nationale en internationale Ngo’s samenwerken: welke bottlenecks doen zich voor? En op welke punten loopt het goed? Welke lessen kunnen we daar uit trekken?
De practitioners zijn zelf de onderzoekers
Dit is precies waar het thematisch leerprogramma in Zuid-Soedan over gaat. Het zoomt in op onderlinge rollen en functies van lokale en internationale Ngo’s in de fragiele en steeds veranderende context van Zuid-Soedan. Het leerprogramma doet dit door middel van actieonderzoek waarbij de practitioners zelf de onderzoekers zijn. Gezamenlijke bijeenkomsten in een veilige en vertrouwde omgeving bieden deelnemers aan het programma de mogelijkheid hun dilemma´s en geleerde lessen te delen.
Concreet handen en voeten geven
Het idee om een thematisch leerprogramma in Zuid-Soedan op te zetten, ontstond op een bijeenkomst over de IOB-evaluatie van Soedan in het Haagse Humanity House op 16 juni 2011. PSO organiseerde dit evenement samen met het ministerie van Buitenlandse Zaken. Er kwam onder andere naar voren dat er veel onderzoeken en evaluaties over Zuid-Soedan met aanbevelingen zijn, maar dat deze vaak ergens in een la belanden. De TLP-methodiek is bij uitstek geschikt voor het concreet handen en voeten geven aan beleidsaanbevelingen.

Uiterst relevant
Consultant Anneke Maarse en senior PSO-consultant Fragiele Staten Johan te Velde reisden af naar Zuid-Soedan om daar de interesse te peilen voor een thematisch leerprogramma rondom rollen en functies in vredesopbouw. De opinio communis in de hoofdstad Juba was dat er veel te weinig gereflecteerd wordt in de dagelijkse hectiek van vredesopbouw en noodhulp in Zuid-Soedan. De principes van de TLP-benadering werden van verschillende kanten omarmd en er werd gezegd dat de benadering en het onderwerp juist nu uiterst relevant is. Uiteindelijk besloten SPARK, Africa Justice, SNV en ZOA en IPCS zich aan het leerprogramma te committeren en gaan met verschillende actie-onderzoeksmethodieken aan de slag. Ook vanuit de referentiegroep komen positieve geluiden. Sara Pantuliano van het respectabele Britse onderzoeksinstituut ODI-HPG, schreef een week geleden als feedback op het initiatief: “I think this is a unique experiment in South Sudan and one that is very important right now.”
---
New deal for engagement in fragile states
Het thematisch leerprogramma is in lijn met hoe internationaal (en door de fragiele staten zelf) wordt nagedacht over wat er nodig is in fragiele staten. Zo kwam de onlangs gestarte ‘New deal for engagement in fragile states’ aan de orde op de BUZA-conferentie over capaciteitsopbouw op 15 december 2011. Hier kwam naar voren dat het voor succesvolle ondersteuning van capaciteitsontwikkeling in een fragiele setting noodzakelijk is om momenten in te bouwen om te leren van ervaringen en om bij te kunnen sturen waar nodig. De nadruk op actieleren in de TLPs biedt hier ruimte voor en zorgt dat praktijk kennis relevant voor die context wordt opgebouwd over wat werkt en wat niet. Ook is bijvoorbeeld het goed orkestreren van multi-stakeholder processen een element dat juist in het TLP naar voren komt.