Global Initiative on Psychiatry (GIP) is een organisatie die zich inzet voor mensen met psychische aandoeningen. De organisatie komt ook op voor mensen met een verstandelijke beperking. Kortom, voor lieden die in een kwetsbare positie verkeren. ‘Ze zijn bovendien niet altijd in staat om zich te organiseren. We helpen ze daarbij zodat ze voor zichzelf kunnen lobbyen,’ zegt Cisca Goedhart, onderdirecteur van GIP.
GIP werd 30 jaar geleden opgericht om te strijden tegen het opsluiten van andersdenkenden in psychiatrische inrichtingen in Oost Europa, met name in de Sovjet-Unie. Sindsdien is het werkterrein verlegd naar de ontwikkeling van een humane, patiëntgerichte en in de samenleving geïntegreerde geestelijke gezondheidszorg.
De organisatie doet sinds de oprichting aan capaciteitsopbouw van haar partners in de diverse landen waar zij werkzaam is. De organisatie werkt altijd met (de inmiddels bijna veertig) lokale partners. Goedhart: ‘We trainen begeleiders en trainers zodat de organisaties duurzaam, zonder steun van buitenaf, kunnen blijven bestaan. We begeleiden ze ook in hun streven om hun zorg zo veel mogelijk aan te passen aan de cultuurspecifieke behoefte.’
GIP is actief in Oost Europa, Azië, Afrika en het Caribische gebied. De organisatie werkt op het vlak van de geestelijke gezondheidszorg met daarbinnen aandacht voor een aantal thema’s, zoals mensenrechten. Goedhart: ‘Mensen die psychiatrische problemen hebben, wonen nu vaak noodgedwongen in grote instituten en hebben weinig of geen contact meer met de buitenwereld. We willen voorkomen dat er in de toekomst nog meer mensen zo buiten de samenleving worden geplaatst door psychiatrische zorg dichtbij huis aan te bieden.’
Volgens Goedhart zijn de omstandigheden waaronder mensen met psychische problemen leven in grote instellingen erbarmelijk. ‘Ze worden soms vastgeketend aan hun bed of gedrogeerd. Het alternatief voor de familie is deze mensen thuis te houden. Omdat ze vaak geen idee hebben hoe ze om moeten gaan met hun zieke familielid, wordt hij of zij opgesloten of vastgebonden aan een boom. In beide gevallen gaat het om grove schendingen van hun mensenrechten. Daar proberen we iets aan te doen door deze mensen te helpen om voor zichzelf op te komen. We proberen hun rechtspositie te verbeteren, maar ook ondersteuning te bieden aan de familie.’
Het thema mensenrechten speelt ook een belangrijke rol bij mensen die door psychische problemen in aanraking zijn gekomen met justitie. Zij worden in sommige landen zonder enige vorm van behandeling opgesloten in de gevangenis. Werken met mensen met een psychische aandoening en opkomen voor deze groep is vooral een zaak van lange adem.
Het is ook zaak om allianties aan te gaan met verschillende lokale stakeholders, zoals overheden, ngo’s en gevangenisdirecteuren. ‘Het is soms twee stappen voorwaarts, een stap achterwaarts,’ zegt Goedhart. ‘De interesse voor de groep is niet zo groot. Toch moet je proberen om de mensenrechten van deze mensen te verbeteren; verandering teweeg brengen. De overheid of de ziekenhuisdirecteur is er niet altijd bij gebaat dat er verandering komt. Daarom gaat het in de psychiatrie niet om korte termijn successen; we investeren in de lange termijn verandering en duurzaamheid. Dat betekent dat je moet roeien met de riemen die je hebt en soms moet je samenwerken met mensen die misschien geen verandering willen.’
Volgens Goedhart is er een gebrek aan kennis bij het grote publiek over psychiatrische ziekten. ‘Mensen weten niet wat het betekent om psychische problemen te hebben. En dat psychische patiënten vaak voor de rest van hun leven gedegradeerd worden tot buitenstaander; iemand die uitgesloten wordt. Zo krijgen velen van hen geen kans meer om bijvoorbeeld zelfstandig te wonen, laat staan om te werken.’
Naast de ingrijpende psychologische en sociale gevolgen voor de patiënt zelf en diens directe omgeving hebben psychiatrische aandoeningen als geheel ook een groot negatief effect op de economie van een land. ‘Mensen met psychische ziekten kosten veel geld. Ze worden opgesloten en onttrokken aan de samenleving en de arbeidsmarkt. Ze doen hierdoor niet meer mee, zijn niet productief en ze betalen geen belasting meer,’ zegt Goedhart.
Kinderen met psychiatrische problemen worden vaak door hun moeders verzorgd en omdat er geen opvang is, kunnen deze vrouwen niet deelnemen aan het arbeidsproces. Er ontstaat dan een vicieuze cirkel. Armoede verhoogt de kans op psychische problemen, psychische problemen verhogen de kans op armoede. ‘Het aanpakken van de zorg voor mensen met een psychische ziekte levert uiteindelijk dus ook een economisch voordeel – een argument dat meestal meer deuren opent dan argumenten als humaan, ethisch of mensenrechten’, aldus Goedhart.
GIP doet niet alleen aan geestelijke gezondheidszorg. De organisatie heeft ook het MAIDS-project opgezet. ‘Het betreft geestelijke gezondheidszorg voor mensen die leven met Hiv/Aids. In Afrika en Centraal Azië levert de combinatie van HIV/AIDS met psychische problemen grote problemen op. Mensen met Hiv/Aids hebben bovendien een grote kans om ook psychische problemen te krijgen, terwijl mensen met psychische problemen een grotere kans hebben om Hiv/Aids te krijgen omdat zij bijvoorbeeld meer risicovol gedrag tonen, zoals het injecteren van drugs.’
GIP is onlangs lid geworden van PSO. Maar waarom eigenlijk? ‘Dit jaar bestaan we 30 jaar, maar we merken dat we binnen Nederland niet zo bekend zijn bij mensen,’ zegt Goedhart. ‘PSO is voor ons een prachtig forum om te netwerken. Zo kunnen we ook andere spelers in de ontwikkelingssector leren kennen en zij ons.’
GIP is ook lid geworden om een andere reden. ‘Veel van de projecten waar we aan werken zijn resultaatgericht, terwijl PSO geïnteresseerd is in waar je mee bezig bent. Het is procesgestuurd in plaats van resultaatgericht. En dat is tegenwoordig een zeldzaamheid omdat iedereen om (korte termijn) resultaten roept.’
De samenwerking is een tijdje onderweg. En wat verwacht GIP ervan? ‘PSO is voor ons een partner die meedenkt met een blik van een buitenstander,’ legt Goedhart uit. ‘Hierdoor krijgen we een spiegel voorgehouden, maar ook ondersteuning in het proces om beter naar onszelf te kijken.’
PSO heeft bijna zestig leden en deze organisaties hebben hun eigen expertise. Maar wat heeft GIP de PSO-leden te bieden? ‘We zijn goed in het opzetten en verdere capaciteitsopbouw van lokale ngo’s. We hebben bovendien veel ervaring in het helpen van kwetsbare groepen om zichzelf te organiseren en voor hun rechten op te komen. We zijn ook goed in het werken met lokale structuren om duurzame structuren op te bouwen. De kennis die we in de loop der jaren hebben opgebouwd willen we met de leden van PSO delen.’