Verhalen uit de praktijk

verhalen van kwaliteit verhalen van inovatie

Extranet login

Collectief leren doe je niet alleen

'net•werk het; o 1 op een net lijkend geheel: een ~ van draden; (fig) een ~ van intriges; iems sociale ~ alle mensen die hij kent en die hem ook kennen 2 (comp) een aantal aan elkaar gekoppelde computers'

'net•wer•ken -werkte, h genetwerkt zijn best doen zoveel mogelijk invloedrijke mensen te leren kennen.'

Illustratie van een PSO Collectief Leertraject

‘Wij zijn niet de experts, uitwisseling is het grootste leerprincipe van een Collectief Leertraject’. PSO-ers Koen Faber en Arja Aarnoudse vertellen over hun ervaringen met het faciliteren van het Collectief Leertraject (CLT) over Netwerken en Capaciteitsontwikkeling. Daarnaast blikken drie deelnemers terug op het traject.

Condities voor leren

Deelnemers Wilma Rozenga (ICCO), Géke Appeldoorn (Agriterra) en Karolien Dekkers (WPF/ Choice) hebben het leertraject als waardevol ervaren. Géke benoemt dat ze in haar dagelijkse werk weinig tijd voor leren en reflecteren kan maken. Ze geeft aan dat het CLT haar de mogelijkheid geeft, zelfs dwingt om tijd te maken voor leren. Arja en Koen herkennen deze uitdaging: ‘Leren is echt een punt in de sector ontwikkelingssamenwerking. Mensen kunnen en durven er vaak geen tijd voor te maken. Ontwikkelingssectormedewerkers zijn stuk voor stuk bevlogen, ze gaan voor resultaat. Maar leren is een voorinvestering; het voelt als een vertraging. Je weet nog niet waar het in de toekomst tijdwinst of verbetering gaat opleveren’. Naast tijd en ruimte is er een sterke motivatie nodig om echt met leren aan de slag te gaan! Hier kan een collectief traject bij helpen.

Netwerken moet je doen

De deelnemers aan het traject hebben in een aantal bijeenkomsten verspreid over een half jaar theoretische input gehad over netwerken en experts gehoord over hun ideeën. Bovenal hebben ze zich verdiept in elkaars praktijkcases en werkzaamheden in netwerken. De kracht zat ‘m volgens Wilma, Géke en Karolien vooral in de diversiteit van de groep, die was inspirerend. ‘Iedereen heeft verschillende achtergronden en verschillende doelen. En toch, of juist daarom, kan je van elkaar leren en tot verdieping komen.’

Van toegevoegde waarde was volgens de deelnemers ook het informeel uitwisselen en mensen leren kennen (en dat is natuurlijk een welbekende invulling van het begrip netwerken!). Géke is daarnaast enthousiast over het huiswerk dat de deelnemers mee kregen na de verschillende sessies, ze hebben de geleerde lessen toegepast op een real life case in de vorm van een brief aan een collega. ‘Huiswerk tussentijds helpt je om de opgedane kennis vast te houden, het te verwerken zelf toe te passen en beheersen. Dit zorgt er voor dat je als deelnemer niet alleen consumeert maar ook zelf produceert’.

Antwoorden

De deelnemers zijn het er ook over eens dat ze wat meer antwoorden gewenst hadden, hun vragen zijn namelijk nog hetzelfde. Wel zijn ze zich bewuster geworden van de problematiek rond netwerken. Tijdens de laatste bijeenkomst omvatte een deelnemer dit bewustzijn met de woorden: ‘We are still confused, but on a much higher level’. Het resterende gevoel is dus wat dubbel: ‘Het uitwisselen van ervaringen was interessant, maar we zoeken ook naar de best practices’. Koen en Arja herkennen dat: ‘Het proces van uitwisselen kost tijd en heeft verdieping nodig. Het uitwisselen van ervaringen wordt als waardevol ervaren door de deelnemers maar is ook minder tastbaar. Er worden geen kant en klare antwoorden ‘geleverd’.

Arja legt uit dat leren wat haar betreft gaat over: het zelf vinden van antwoorden. En zeker bij het onderwerp netwerken, die zijn zo divers! ‘Een succesverhaal wat gekopieerd kan worden bestaat waarschijnlijk niet’, zegt Arja, ‘Fulco van Deventer is bijvoorbeeld één van dé netwerkspecialisten en heeft zich als geen ander in het onderwerp verdiept. Hij had ook geen pasklare antwoorden voor ons. Wat hij kon bieden waren manieren van kijken en modellen om netwerken mee te analyseren’.

Geleerde lessen

Wilma vertelt dat het traject haar nieuwe vaardigheden heeft opgeleverd. Als voorbeeld geeft ze aan dat ze in gesprek met een partner in haar netwerk haar rollen van zowel donor als adviseur nu benoemt. Het helpt haar deze rollen te expliciteren in de samenwerking met de partner en daar duidelijkheid over te scheppen. Daarnaast gebruikt Wilma de vijf capabilities van ECDPM om een beeld te krijgen van de capaciteiten van het netwerk en de partners. Géke gebruikt geleerde ideeën van de modellen van netwerken in haar werkpraktijk. Deze modellen zijn een mooie aanvulling op een evaluatie van het netwerk waar ze mee werkt. Het verschil tussen het zogenaamde spinnenweb- en visnet model helpen haar te illustreren en verklaren waarom er tussen de betrokken leden van dat netwerk geen of weinig communicatie is (maar dat alle communicatie naar één centraal punt gaat). Karolien heeft haar voordeel gedaan met een theoretische verdieping in netwerken: ‘Daar kom je binnen gewone werktijd niet zo snel aan toe’.

De rol van PSO bij het leren

Uit het voorbeeld van het traject over netwerken blijkt dat collectief leren in de Vereniging PSO is dus samen leren is, met en van elkaar. Vereniging zijn houdt in dat je gebruik maakt van elkaars expertise. De rol van het PSO bureau is het signaleren van tendensen in de ontwikkelingssector: waar houden leden zich mee bezig, tegen welke vragen lopen ze aan? Vervolgens brengt PSO leden samen en faciliteert uitwisseling van kennis en het onderzoeken van oplossingen. Het Collectief Leertraject is een platform en een afgebakend leermoment voor lidorganisaties om hun kennis en ervaringen uit te wisselen en nieuwe inzichten op te doen. Elkaars werkveld leren kennen heeft tijd nodig, die wordt gecreëerd in het traject.

‘Eigenlijk is de rol van PSO binnen het Collectief Leertraject hetzelfde als de rol van een Nederlandse ngo in een netwerk,’ geeft Arja aan. De Nederlandse ngo is vaak aanstuurder (financier en adviseur) van een netwerk. Maar het netwerk draait niet primair om de Nederlandse organisatie. Die heeft niet alle antwoorden en kan het netwerk niet draaiende houden. Het gaat om het contact en de communicatie tussen de verschillende leden binnen het netwerk, dat is waar de energie zich bevindt en waar er geleerd wordt!